Waar je van profiteert als je je tekst benadert als een gesprek

  Communicatie, Copywriting, Taal

Er zijn heel veel echte vakmensen die jou face-to-face makkelijk ergens van kunnen overtuigen, maar die dat niet voor elkaar krijgen in een tekst.

Ontdek hieronder waarom luisteren zo belangrijk is als je gaat schrijven

Ligt het aan de knipperende cursor, de dreigende lege pagina, een gebrek aan inspiratie?

Dat kan allemaal, maar volgens mij zit er nog iets achter. Namelijk het feit dat het een onnatuurlijke situatie is. Praten is iets wat we van nature doen, schrijven niet.

Wat is nog meer een belangrijk verschil tussen praten en schrijven?

Praten doe je vaak met iemand anders (soms ook tegen jezelf, en dat geeft niks. Toch? Nee. Oké. Fijn! Ga nu maar weer verder. Doe ik.), schrijven niet.

Maar het mooie is dat dat wel kan, en dat dat zo z’n voordelen heeft.

Wat is het verschil tussen bloot en naakt?

Er is een handige truc om het in weinig tijd goed te doen. Toen ik met mijn studie Tekst & Communicatie bezig was, ging het er een keer over tijdens een college Tekstkwaliteit.

Dat was een fantastische cursus van Jan Renkema, de auteur van de Schrijfwijzer. Waar het allemaal over ging? Zoals meneer Renkema zei: “Taalkwesties waarvan ik hoop dat je er ’s nachts nog eens wakker van ligt.”

Het ging bijvoorbeeld over het verschil tussen ‘boos’ en ‘kwaad’ of ‘bloot’ en ‘naakt’ (wat denk jij?). Of over de vraag wanneer het verstandig is om de lijdende vorm te gebruiken in plaats van de actieve. Of over het idee dat het prima is om een spelfout te maken, als je diezelfde fout maar blijft maken in de rest van je tekst – consistentie.

En het ging over die truc, of eigenlijk, een handige vraag.

De vraag op de punt

Daarbij duikt het idee op van tekst als gesprek tussen schrijver en lezer.

Renkema noemde de punt het moment waarop je als spreker even adem zou halen en als luisteraar even de balans zou opmaken.

“Nu hoop ik dat je jezelf, de volgende keer dat je een punt achter een zin zet, eens het volgende afvraagt,” zei Renkema terwijl hij zijn bril goed zette. “Wat mag de lezer op dat moment redelijkerwijs verwachten van de volgende zin?

Op die manier kun je je tekst net zo’n lekker verloop geven als een gesprek. Dan heb ik het wel over een gesprek waarin je actief met elkaar meedenkt, een gesprek volgens het coöperatief principe.

Laatst zag ik een leuk voorbeeld van hoe Ruben Bunskoeke van 000.nl het aanpakt

Zo kun je je tekst de opbouw geven die een lezer waarschijnlijk prettig vindt – of je kunt functioneel afwijken van de verwachtingen van je lezer. Bijvoorbeeld om te verrassen of om de nieuwsgierigheid langer vast te houden.

Nog een belangrijk voordeel van gespreksachtige tekst

Je moet je dus een beetje kunnen inleven in je ‘gesprekspartner’. Misschien geeft het houvast als je werkt met een persona, zoals je die misschien al hebt gedefinieerd als je met contentmarketing bezig bent. Dan weet je precies tegen wie je ’t hebt.

En als je je tekst dan toch iets ‘gespreksachtigs’ geeft, kun je profiteren van nog een mooi voordeel. Er is onderzoek dat zegt dat de inhoud van een tekst beter blijft hangen als ie een ‘conversational tone’ heeft.

Het heeft ermee te maken dat je je als lezer onbewust meer betrokken voelt bij zo’n tekst. Zeker als de tekstschrijver je direct aanspreekt en af en toe een vraag stelt aan je.

Luister om je heen

Voor een tekstschrijver is een luisterend oor daarom net zo belangrijk als een vlotte pen. Want om te kunnen bepalen welke vraag iemand ‘redelijkerwijs’ zal stellen op de punt, en om uit te vinden hoe een tekst kan lijken op een gesprek, moet je genoeg luisteren naar echte gesprekken.

“We have to look at the people using the language. Most advertising dies because we don’t do that,” schreef de bekende Britse reclameman Dave Trott laatst. “That’s why we have to come off broadcast and go on receive. Learn that the audience is more important than the agency or the client.”

Het deed me denken aan wat David Ogilvy zei over het belang van schrijven in de taal van de mensen als je ze ergens van wil overtuigen.

De vakmensen over wie ik het daarnet had spreken die taal meestal wel. Jij ook? Probeer ook het ook eens in je teksten. Sta op de punt even stil bij je lezer en spreek ‘m aan zoals je dat in een gesprek zou doen. Ik ben benieuwd hoe het jou en vooral ook je lezer bevalt.

Kijk of je dit in je tekst kunt krijgen

Wil je blogs als deze voortaan toegestuurd krijgen? Meld je aan voor Tijdig & Zinnig, mijn nieuwsbrief die ik dan één keer per maand in je mailbox leg.

De afbeeldingen in dit artikel zijn van Ky Olsen en Dawna MacLean.